Home Goed om te weten Nederlands, taal van het Koninkrijk der Nederlanden

Nederlands, de taal van het Koninkrijk der Nederlanden

Na de nederlaag van Napoleon en de aftocht van de Fransen beslist het Congres van Wenen (1814-1815) dat Noord en Zuid tot het Koninkrijk der Nederlanden worden samengevoegd. Het Nederlands, de taal van drie kwart van de bevolking, zal de landstaal worden en de administratieve taal van het hele rijk. Koning Willem I verwacht dat het algemene gebruik van het Nederlands de eenheid van zijn rijk zal bevorderen.



In 1819 vaardigt de regering een decreet uit waardoor vanaf 1823 het Nederlands de enige officiële taal wordt van de provincies West-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen, Antwerpen en Limburg. Vier jaar later wordt de werking van dit decreet tot het Vlaamse deel van de provincie Zuid-Brabant uitgebreid, met name tot de arrondissementen Leuven en Brussel.
Maar Franstalige en Fransgezinde ambtenaren voelen zich verongelijkt, wat mede aan de taalpolitiek van Willem ligt, en de katholieke geestelijken, die vrezen dat met het Nederlands - ze zeggen liever Hollands - het calvinisme wordt binnengesmokkeld. Velen die in Vlaanderen enig gezagdragers in Wallonië, die in de politiek van de koning een bedreiging zien voor de Franse taal en cultuur.
Het verzet tegen Willem I neemt hand over hand toe. In 1829 haalt hij bakzeil en moet hij het gebruik van het Frans weer toestaan voor de behandeling van sommige administratieve en gerechtelijke stukken in de Vlaamse arrondissementen. In juni 1830, dat is nog vóór de Belgische Revolutie plaatsvindt, gaat de koning overstag en roept de absolute ?taalvrijheid" uit. De verfransing van Vlaanderen kan weer doorgaan.

(Bron: Vandenputte O. Nederlands. Het verhaal van een taal. Stichting Ons Erfdeel, Rekkem 1996)